11 februari 2012

Dave Burrell & Silke Eberhard (De Singer - 10.02.2012)

Op 03.05.2009 gaf de Amerikaanse jazzpianist Dave Burrell een solo-concert in De Singer. Louter per toeval hoorde hij toen een cd van de Duitse saxofoniste Silke Eberhard. Burrell was dermate onder de indruk dat hij een samenwerking wel zag zitten. En zo geschiedde. De veteraan Burrell (°1940) en de veel jongere Eberhard (°1972) kwamen met elkaar in contact, wat leidde tot de opname van het album "Darlingtonia", zopas verschenen op Jazzwerkstatt. Het album is de weergave van een live-sessie die op 06.11.2010 werd opgenomen in Kunstfabrik Schlot in Berlijn. De tracks op het album zijn allemaal genoemd naar Latijnse namen van keverachtige insecten. Een bizar gevoel voor humor is het duo niet vreemd, want de titel van het album verwijst naar een vleesetende plant. Best toepasselijk, want in de uitputtende muzikale gevechten tussen Burrell en Eberhard lijken de beide muzikanten elkaar wel te willen verslinden.

Dat het duo niet volledig op elkaar ingespeeld is, bleek vanavond wel tijdens het concert, dat grotendeels de sfeer van improvisatie uitademde. Af en toe verliep de communicatie een tikje stroef en moesten er wel wat blikken uitgewisseld worden om het nummer in kwestie niet vast te laten lopen. Maar dat heeft natuurlijk zijn charme. Het publiek maakte op die manier bijna de genese van een work-in-progress mee. Bovendien waren de speelstijlen van Burrell en Eberhard zeer compatibel. Burrell bespeelt de piano soms zeer percussief, staccato en ruw. Hij beroert quasi nooit de voetpedalen. En die sound leunde nauw aan bij de expressieve stijl van Eberhard, die af en toe letterlijk op haar saxofoontoetsen beukte. En zo werd ook haar sax soms een percussief instrument. Slechts héél af en toe gaat het duo de melodieuze toer op, maar meestal klinkt het concert als een gevecht van agressieve dissonanten en kruisen de toonladders met elkaar de degens. Het zijn lange en uitputtende gevechten, want het concert - uitgesmeerd over twee helften - telde slechts een vijftal nummers. Een niet geheel feilloos maar interessant concert van twee jazz-bugs met weerhaakjes.

01 februari 2012

So You Think You Can Dance theatershow (Stadsschouwburg Antwerpen - 01.02.2012)

De enkele idioot die af en toe eens langs mijn blog passeert, zal wel weten dat ik hoog oploop met hedendaagse dans als expressieve kunstvorm bij uitstek. Maar 'dans' kan in een commerciëlere vorm ook aan een breder publiek appelleren, zoals blijkt uit het grote succes van verschillende danscompetities op TV. De format 'So you think you can dance' is er ééntje van. De laureaten van deze competitie mochten nog eens opdraven in een theatershow die doorheen Vlaanderen en Nederland trekt. Ach, waarom niet ? Het moeten niet altijd Ultima Vez, Rosas of Les Ballets C de la B zijn...

Of toch wel ? Waar er tijdens de TV-shows af en toe wel degelijk genoten kon worden van intensief danswerk (al dan niet bevorderd door het competitieve element), was deze theatershow niet meer dan een opgewarmd prakje voor een op voorhand al verkocht bakvissenpubliek, waartussen ondergetekende zich compleet misplaatst voelde. Ongeïnspireerde en slordige herhalingen van solo's en duetten die al in de TV-studio opgevoerd waren. De live-DJ wist weinig aan het geheel toe te voegen. Ik neem de dansers niets kwalijk want zij zijn wellicht contractueel verplicht om aan dit circus deel te nemen, maar meer dan het uitmelken van een succesvolle TV-format kon dit bezwaarlijk genoemd worden. Voor winnares Nina was helemaal geen glansrol weggelegd. Meer dan een flikflak van Meysam of de verschijning van Anthony had het kritiekloze publiek niet nodig om overstag te gaan. Van enige rode draad was geen enkele sprake. Als een op hol geslagen jukebox werden hitjes en begeleidende dansjes uitgebraakt. Wat mij betreft konden enkel de tussenkomsten van Sedrig enigszins aanspraak maken op een tikje critical acclaim. Voor het overige compleet te mijden.

20 januari 2012

Mastodon (AB - 19.01.2012)

Er zijn verschillende manieren voor een band om een lang leven beschoren te kunnen zijn : bijvoorbeeld hardnekkig vasthouden aan de clichés van het genre waarbinnen je grossiert en zo inventief mogelijk spelen met de wetten van het genre. Sowieso de veiligste weg om een vaste schare fans aan je te binden. Ofwel boudweg alle genre-hokjes overboord gooien en jezelf geregeld heruitvinden, met alle risico's vandien. Vanuit artistiek oogpunt is de laatste optie uiteraard te verkiezen. Binnen de metal-scene is deze optie echter verre van evident. Weinig genres zijn immers zó gebonden aan vastliggende kenmerken van subgenres als metal. Voor je 't weet heb je jezelf in één of ander subgenre genesteld en krijg je een lading nitpickers over je heen als je ook maar één richtlijn van dat genre durft te overtreden.

Maar gelukkig zijn er bands als Mastodon die buiten de vet afgebakende lijntjes durven te kleuren. Het zou voor de mannen van Atlanta, Georgia heel gemakkelijk geweest zijn om topzware conceptplaten te blijven afleveren en de trouwe fans zouden het slikken als zoete koek. Maar de ingewikkelde progmetal ruimde op het vijfde album The Hunter baan voor meer gebalde rock. Weliswaar trouw aan de technisch moeilijk begaanbare paden van de vorige albums, maar toegankelijker en minder dik overgoten met een conceptuele saus.

Ik zag de band voor het eerst live aan het werk in de AB op 02.03.2005, toen in een matig bevolkte AB-box. Een heerlijk concert met een demonische Troy Sanders in een glansrol. In de daaropvolgende jaren zag ik de band - met wisselend resultaat - nog meermaals aan het werk. Jammer genoeg ook enkele malen in mindere omstandigheden (qua geluid, zaal, vibe,...). Maar zet de band als headliner in een goede concertzaal, ondersteun hen met goede techniek, creëer kortom de ideale omstandigheden om de songs te laten knallen : je krijgt gegarandeerd een stevige rockshow van hoog niveau geserveerd.

En dat was dan ook wat een uitverkochte AB te zien kreeg. Vier technisch begaafde muzikanten die voluit konden putten uit gevarieerd materiaal, afkomstig uit vijf uitstekende albums. Geen voorgekauwde kost en platgetreden paden, maar zeer volwassen progrock aan een hels tempo. Geen tijd voor interactie met het publiek. Interactie met ingewikkelde toonladders des te meer. Zelfs nauwelijks tijd voor een intervalletje tussen reguliere set en bissers. Een muggenzifter zou kunnen betogen dat er af en toe iets té uitgebreid gepingeld werd, maar gaandeweg steeg de temperatuur in de zaal zonder mededogen. Ik laat de setlist voor zich spreken, die voor de kenners meer dan genoeg zegt. En toen voorprogramma Red Fang het podium besteeg om samen met de hoofdact het a-typische maar schitterende slotnummer "Creature Lives" te zingen, was de buit al lang binnen. Uitstekend concert van een rockband op het hoogtepunt van zijn kunnen.


Setlist :
Dry Bone Valley
Black Tongue
Crystal Skull
I Am Ahab
Capillarian Crest
Colony of Birchmen
Megalodon
Thickening
Blasteroid
Sleeping Giant
Ghost of Karelia
All the Heavy Lifting
Spectrelight
Curl of the Burl
Bedazzled Fingernails
Circle of Cysquatch
Aqua Dementia
Crack the Skye
Where Strides the Behemoth
Iron Tusk
March of the Fire Ants
Blood and Thunder
Creature Lives

05 januari 2012

ATP Nightmare Before Christmas (Butlins, Minehead 9-11/12/2011)



Maar liefst drie curatoren kregen tijdens deze editie van All Tomorrow's Parties - Nightmare Before Christmas de kans om hun favoriete bands te programmeren. Mijn zesde bezoek aan dit heerlijke festival werd wederom beloond met heerlijke concerten en ontdekkingen. Een kort overzichtje, gelardeerd met enkele kiekjes die ik kon schieten.



DAG 1

De drie curatoren hadden elk één dag ter hunner beschikking en traden telkens tweemaal op : als dagopener en als avondheadliner. En zo werd het festival nogal bruusk op gang getrokken door het concert van openingscurator Les Savy Fav. De hyperactieve frontman Tim Harrington zette met zijn capriolen de tent al meteen op stelten, hoewel zijn gedrag alle aandacht afleidde van de muziek. Wel cudos voor zijn gebruik van een Butlins-waterkoker ! Marnie Stern had nogal wat last van een zware jetlag en tapte - tussen haar set door - opvallend veel moppen over vagina's.

Veel muzikaal vertier tijdens het concert van The Budos Band, een band uit Staten Island die instrumentale afro-soul brengt. Een zootje ongeregeld, gekleed in shirts van Iron Maiden en Napalm Death en met Daniel Foder de meest opvallende bassist van het hele weekend in hun rangen. Nadien opnieuw instrumentele rock met Oxes, die jammer genoeg hun uitstekende jamconcert - met drummer Christopher Freeland in een glansrol - ontsierden met een ronduit slechte cover van Wild Thing.

Voorts werden we opgewarmd met concerten van de all girls band Wild Flag, de veteranen van Archers Of Loaf en het volledig in de grunge van de jaren '90 gedrenkte Violent Soho.

Het venijn van de eerste dag zat duidelijk in de staart. De krachtige noiserock van het duo van No Age stak de vlam in de pan. Even opschudding toen drummer/zanger Dean Allen Spunt het concert lam legde omdat een crowdsurfer in zijn ogen nogal hardhandig werd aangepakt door de security. Wat later mochten twee jonge fans op het podium een paar Black Flag-covers (waaronder de klassieker 'Damaged') zingen. De veteranen van het heropgerichte Hot Snakes serveerden misschien wel één van de meest coherente sets van het weekend met strak gespeelde songs in een al even strak tempo. Maar het absolute orgelpunt werd voorbehouden voor Holy Fuck, het Canadese electronica-collectief dat een allesverzengende set speelde.
















vlnr. :
1. Les Savy Fav
2. Marnie Stern
3. The Budos Band
4. Oxes
















vlnr. :
1. Wild Flag
2. Archers Of Loaf
3. No Age

















vlnr. :
1. Hot Snakes
2. Holy Fuck
3. het silhouet van Silver Apples






DAG 2

Tweede curator Battles worstelde duidelijk met de openingsset. "Only shellac can get away with a morning show" stamelde één van de bandleden, na eerder toegegeven te hebben vlak voor het concert nog gekotst te hebben. Iets té zwaar doorgezakt met de mannen van Les Savy Fav blijkbaar. De muziek bleef overeind, hoewel ik geen fan ben van de geprojecteerde zanglijnen. Wél één van de absolute hoogtepunten van het weekend was het concert van drie frêle meisjes uit Tokio, Nisennenmondai genaamd. Laag na laag bouwde elke instrumentale song op tot een onweerstaanbaar en hypnotiserend geheel. Typisch Japans werd droogweg besloten met : "We are from Tokio. We have merchandise. You buy !" Zowel Walls als Washed Out grossierden in dromerige electropop. Nogal vrijblijvend, hoewel het oordeel van één festivalbezoeker over de laatste band - "get of the stage, you're rubbish !" - té kort door de bocht ging.

De experimentele sound van Phil Manley Life Coach was een interessant tussendoortje. Manley - in een vorig leven stichtend lid van het legendarische Trans Am - besloot met een vriendelijk "Namaste. I have no merchandise and only one piece of life coaching : go see The Psychic Paramount". Een raad die hij zelf ter harte nam, want enige tijd later stond ik op de eerste rij naast Manley te kijken naar The Psychic Paramount, een degelijk instrumenteel psychrocktrio uit New York.

Maar eerder was ik getuige van nog twee uitstekende concerten van zeer divers allooi. Eerst van de Zweedse electro-artiest Axel Willner die als The Field door het leven gaat. "Looping state of mind" (2011) kan ik ten zeerste aanbevelen, maar ik werd onverwacht overdonderd door de organische live-transformatie die deze muziek op het podium onderging. Topconcert. Maar ook de ongegeneerd pathetische wave van Gary Numan viel goed te pruimen. Numan - ooit aanbeden als een halfgod, nadien in compleet verval geraakt maar nu op de terugweg - mag dan wel opgetrokken zijn uit Botox en wijdbeense gestes, de muziek staat er nog steeds.

Passeerden vandaag ook nog met wisselend succes de revue : Cults, de indieband uit New York die een prachtig debuutalbum afleverden maar er moeite mee hadden om dat te vertalen naar een degelijk concert. Bitch Magnet, een lichtjes gedateerde post-hardcoreband uit Ohio die eind jaren '80 actief was en die speciaal voor ATP nog eens in zijn originele bezetting op het podium klom. De Chileense knoppenartiest Matias Aguayo mocht de nacht besluiten met een marathonset. Een soort van Tom Zé op beats. Eerder riepen de ultra-militanten van Underground Resistance uit Detroit nog op tot een algehele revolutie ("Corporate control has taken over your lives !") en draaide DJ Katoman (iemand uit de entourage van Nisennenmondai) ongegeneerd cheesey hitjes uit de jaren '90. Heerlijk om even de beentjes te strekken op Footloose !

Nog twee vermeldingen met stip op deze tweede dag. Ten eerste voor Dead rider, een soort van psychedelische art-funkband deluxe uit Chicago, met maffe jazz-drumsolo's, een kierewiete frontman die rustig een appel eet, maar vooral ook dwarse en opwindende muziek. En de tweede eervolle vermelding gaat uiteraard - hoe kan het anders ? - naar Flying Lotus. Het is een genot om te zien hoe zijn brein constant triljoenen ideeën moet zien te kanaliseren, hoe hij zijn set zeer geduldig en intelligent opbouwt. Een genie achter de knoppen.
















vlnr. :
1. het materiaal van Battles
2. Phil Manley Life Coach
3. Bitch Magnet
4. Dead Rider

















vlnr. :
1. Gary Numan
2. Cults
3. Washed Out
















vlnr. :
1. The Psychic Paramount
2. gebroken bril na een wild concert













vlnr. :
1. Nisennenmondai
2. The Field
3. Matias Aguayo






DAG 3

Ook curator nr. 3 Caribou had wat moeite met zijn openingsset, die in feite niet meer was dan een generale repetitie voor later op de avond. Hadden we ons daarvoor gehaast doorheen een gemene plensbui ? Al een geluk dat we iets later onze klamme botten konden verwarmen aan de warme muziek van een ware legende : niemand minder dan jazzsaxofonist Pharoah Sanders ! Sanders zelf is een oude man die moeite heeft om het concert nog volledig zelf te dragen, maar die zich gelukkig kon beroepen op een uitstekende begeleidingsband (wat een drummer !). Klassieker "The creator has a masterplan" besloot vanzelfsprekend de set.

Niet alleen de pruiken maar ook de muziek van Connan Mockasin uit Nieuw Zeeland was één van de interessante buitenbeentjes op deze driedaagse. Laid back surfmuziek op Prozac die me vooral aan Acetone deed denken. Dat één van de energiekste concerten van het weekend uit Nederland zou komen, is geen verrassing voor mensen die vertrouwd zijn met concerten van The Ex, voor de gelegenheid aangevuld met een blazerssectie en met de Ethiopische saxofonist Getatchew Mekuria. Nog meer exotische vogels uit Nieuw Zeeland op het podium met de bizar uitgedoste leden van Orchestra Of Spheres. Crazy outfits, dito muziek, dito instrumenten. Het perfecte opstapje naar het concert van het Sun Ra Arkestra. Het concert verschilde in bijna niets van het concert dat we van deze bende op de Nightmare Before Christmas-editie van 2009 bijwoonden, maar dat kon de pret niet drukken. "We hereby declare ourselves to be another order of beings." Een mens zou het nog geloven als hij dit dozijn muzikanten aan het werk ziet.

Maar op deze zeer eclectische derde dag viel er ook van het electronische front te snoepen. Bijvoorbeeld met de zware, snoeiharde en repetitieve electronoise van het duo Roll The Dice. Een tikje subtieler ging het eraan toe bij het Londense trio Factory Floor en hun live gespeelde post-industriële wave. De meest ingetogen maar daarom niet minder interessante electro-bijdrage van de dag werd in elkaar gebokst door Kieran Hebden, beter gekend als Four Tet. Hét fuifconcert van het weekend was echter zonder enige twijfel van Syrische (!!) signatuur. Omar Souleyman - geruggesteund door een DJ - liet het publiek helemaal uit de plaat gaan met zijn onweerstaanbare feestmuziek, op Arabische leest geschoeid. De Reds-zaal ging volledig uit zijn dak en er werd zowaar gecrowsurfd op deze arab-beat oftewel "dabke", een onweerstaanbare bruiloft-partymix, hip gemaakt door het Sublime Frequencies-label.

Een uitzonderlijke vermelding verdient het concert van Silver Apples. De groep begon als een psychedelisch electro-duo en was actief tussen 1967 en 1969. In 2005 overleed drummer Danny Taylor en sedertdien gaat Simeon Coxe III op z'n eentje door, waarbij Taylor vervangen wordt door een beatbox. Bovendien brak Simeon ooit zijn nek in een tragisch ongeval, waarvan hij nooit volledig herstelde. Technische hoogstandjes vielen derhalve van de ondertussen bejaarde Simeon niet te verwachten, maar zijn psychedelische muziek bleek vier decennia na datum nog steeds hyper-actueel. Monotone beats en minimalistische, aan beatpoëzie verwante teksten leverden een schitterende cocktail op, die me van de eerste tot de laatste noot aan de grond nagelde. Eén van mijn persoonlijke hoogtepunten van het weekend. Ook nu nog spookt het geweldige 'oscillations' door mijn hoofd.

Voor het slotconcert van het weekend vormde Dan Snaith zijn Caribou speciaal voor de gelegenheid om tot het Caribou Vibration Ensemble en werd alles uit de kast gehaald. Gastbijdragen van Four Tet, van de zanger van Junior Boys (wiens concert eerder op de dag we helaas gemist hebben), van Sun Ra Arkestra-lid Marshall Allen en van DJ James Holden. Iedereen - met uitzondering van Allen - in het wit gekleed voor een orgasmatisch hoogtepunt van een slopende driedaagse, waarbij vooral de twee drummers zich niet onbetuigd lieten. Alle toeters en bellen ten spijt was het toch vooral de kern van Caribou die dit concert droeg. De vermoeidheid van ondergetekende fnuikte ten dele het genot van dit concert, waarbij het publiek met de laatste krachten nog even uit zijn dak ging. Voor de echte die hards draaide Theo Parrish nog een marathon-funkset, maar de benen wilden niet meer meewerken. Hoofd en benen wederom gevuld met een weekend vol opwindende muziek. Blijf vooral bestaan, ATP !
















vlnr. :
1. Pharoah Sanders
2. Connan Mockason
3. The Ex & Getatchew Mekuria
4. Orchestra Of Spheres

















vlnr. :
1. Sun Ra Arkestra
2. Factory Floor
3. de knoppenbak van Roll The Dice
4. Silver Apples














vlnr. :
1. Four Tet
2. Caribou Vibration Ensemble

Endangered Blood (De Singer - 03.12.2011)

Ik zou ze niet graag allemaal op een pint trakteren : de New Yorkse jazzmuzikanten die in de talloze jazzkelders van The Big Apple knokken voor een plekje onder de illustere jazz-zon. Maar voor het kwartet dat als Endangered Blood door het leven gaat, zou ik gerust een uitzondering willen maken. Al was het maar om mijn excuses aan te bieden voor het feit dat ik louter door de naam Trevor Dunn naar De Singer werd gelokt, hiermee de andere drie leden van het combo onterecht over het hoofd ziende. Dunn is een gevierd (contra)bassist die bekend staat om zijn samenwerkingen met Mike Patton en John Zorn.

Maar vanavond mat Dunn zich vooral een dienende rol op de achtergrond aan. Nu ik deze korte impressie ruim een maand na de feiten neerpen, zijn de contouren van het concert reeds vervaagd. Maar geholpen door de geluidsopname van het concert (waarvoor van harte dank aan de organisatoren !) komt het langzaam weer terug. De complexe ritmes van bandleider en saxofonist Chris Speed, de eigenzinnige drumpartijen van Jim Black waar ik het in het begin wel wat moeilijk mee had maar die gaandeweg onweerstaanbaar onder mijn vel kropen, de diepe bastonen die Oscar Noriega vanuit zijn imposante lijf door zijn sax pompte als perfect contrapunt tegen de klare en frisse lijn van Speed. Dit alles drijvend op technisch perfect baswerk van Dunn.

Een korte eerste set en een langere tweede set mondden uiteindelijk uit in een prachtig en jachtig eerbetoon aan een grote inspiratiebron voor het kwartet : de grote Ornette Coleman middels diens "Faces and places". Het slotakkoord van een mooi concert voor fijnproevers.

27 november 2011

Jonathan Wilson (AB-club - 16.11.2011)

Afgelopen zomer zag "Gentle Spirit" het licht, het debuutalbum van Jonathan Wilson. Dit opmerkelijke album reflecteert ten volle de Californische roots van zijn maker, die teruggrijpt naar de jaren '60 en '70. Dit levert een intrigerende mix op van folk, psychedelica, harmonie en zelfs progrock.

De manier waarop één en ander zich vertaalde naar het podium van de AB-club, was simpelweg briljant te noemen. Vanaf het dwarse tempowisselingen in het fantastische openingsnummer ("Can we really party today ?"), de The Jayhawks-achtige sound in White Turquoise en het kitcherige orgeltje à la Nick Drake in Your ears are burning ging de kwaliteit alleen nog maar de hoogte in. De eerste epische uitspatting kregen we in Dear Friend, een nummer over "a buddy of mine that just doesn't get it, he doesn't understand like the real shit...". Nadien even op adem komen met het ingetogen Mission in the rain.

Het hoogtepunt van het concert vormde ongetwijfeld het lang uitgesponnen Natural rhapsody, dat zich langzaam maar zeker ontpopte tot een onweerstaanbare lap progrock, waarbij de luisteraar zich zonder problemen in het Echoes-universum van Pink Floyd kon wanen. Hét voorbeeld bij uitstek ook van het schitterende samenspel van Wilson met zijn begeleidingsband, die voor de gelegenheid werd uitgebreid met Omar Velasco, die eerder al het voorprogramma verzorgde. Ik was ook zeer onder de indruk van bassist Gabe Noel en toetsenist Jason Borger. Muzikaal samenspel om duimen en vingers bij af te likken. Het nummer klokte exact af op een kwartier en was bij het beste wat ik dit jaar op een podium zag.

Of wat te denken van de ontroerende titeltrack van het debuutalbum van deze neo-hippie ("Gentle spirit") , van het melancholische "Rolling universe" of van "Canyon in the rain" ? In de intieme setting van de kleine AB-club kwam dit ingetogen drieluik tot zijn volle recht, in tegenstelling tot - zoals Wilson zelf aanhaalde - de grotere zalen die Wilson de voorbije tijd afschuimde als voorprogramma van Wilco. De Californische roots van Wilson werden nog extra in de verf gezet door zijn hommage aan de psychedelische SF-rockband Quicksilver Messenger Service middels een cover van hun Just for love. Nog een paar tracks uit het debuutalbum en een korte akoestische bisser ("Lovestrong"), voordat een einde kwam aan dit anderhalf durende prachtconcert.


Setlist :

Can we really party today ?
White turquoise
Your ears are burning
Dear friend
Mission in the rain
Natural rhapsody
Gentle spirit
Rolling universe
Canyon in the rain
Just for love
Desert raven
The way I feel
-----
Lovestrong

26 november 2011

Samuel Blaser Quartet (De Singer - 04.11.2011)

Twee lang uitgesponnen composities : meer omhelsde het concert van de jonge Zwitserse trombonist Samuel Blaser en zijn quartet niet. Maar in die twee nummers viel ontzettend veel drive én intelligentie te ontwaren. De avontuurlijke bandleider werd hierbij subliem bijgestaan door gitarist Marc Ducret, contrabassist Bänz Oester en drummer Gerald Cleaver.

Voor beide nummers werd uitgebreid de tijd genomen om ze op gang te trekken. Experimenteel gitaarspel van Ducret en spaarzame tussenkomsten van Blaser met zijn trombone stelden het geduld van het publiek lichtjes op de proef. Maar éénmaal de flow op gang kwam, ontbolsterde zich een geweldige luisterervaring waarbij uitgebreid de tijd werd genomen om de composities tot volle wasdom te laten komen. Geen voorspelbare afwisseling van solo's en obligate open doekjes, maar spannend samenspel. Een sublieme solo van drummer Cleaver - met quasi mishandelend gebruik van de cymbalen - duurde bijna ongemakkelijk lang en was kenschetsend voor het weerbarstige karakter van dit uitstekende concert.

01 november 2011

McCoy Tyner Trio feat. José James & Chris Potter (AB - 31.10.2011)

De ondertussen reeds 73-jarige jazzpianist McCoy Tyner is het enige nog levende lid van het legendarische John Coltrane-quartet, dat tussen 1960 en 1965 jazzgeschiedenis schreef. De opzet van deze avond was om de geest van Coltrane te doen herleven, niet door terug te grijpen naar het zware, spirituele materiaal maar wel door terug te komen op het opvallend luchtige album dat het quartet in 1963 opnam met zanger Johnny Hartman.

Tyner trad aan met zijn vaste bassist Gerald Cannon en interim-drummer Joseph Farnsworth. De loodzware taak om in de schoenen van Trane himself te staan werd met verve vervuld door saxofonist Chris Potter. Het concert viel grofweg op te delen in drie hoofdstukken : opening en slot waren weggelegd voor het quartet, waarin Tyner nogal op de achtergrond bleef en zijn frisse pianospel ten dienste stelde van zijn medemuzikanten, die netjes om de beurt een open doekje in ontvangst mochten nemen voor degelijke solo's. We noteerden klassiekers zoals Fly with the wind, Ballad for Aisha, Moment's notice en ook Duke Ellington passeerde de revue middels diens In a mellow tone. Ik keek toch met redelijk gemengde gevoelens naar de vertolking van deze nummers. Aan de individuele kwaliteiten van de muzikanten viel niet te twijfelen, maar toch kwam één en ander nogal salonfähig over. Het gleed een beetje van me af wegens een tikje té gelikt. De spanningsboog ontbrak.

Tijdens het middengedeelte maakte José James zijn opwachting. De jonge zanger met de prachtige jazz-stembanden toonde eerder reeds interesse voor het werk van Coltrane door het Facing East-project op de planken te brengen in samenwerking met Jef Neve. Aan James om de rol van Hartman te vertolken. Vier nummers werden uit het album uit 1963 geplukt : Autumn serenade, Dedicated to you, You are too beautiful en My one and only love. James heeft een heerlijk stemtimbre en vertolkt de nummers dan ook uitstekend. Hij lijkt zich wel wat onwennig te voelen op het podium en de set voelt ook aan als een stijlbreuk met het nogal vrijblijvende openingshoofdstuk. Maar de nummers staan als een huis en de begeleiding is uitstekend. Enkel jammer dat het prachtige Lush Life niet op het repertoire stond.

De combinatie McCoy Tyner/José James beloofde vuurwerk op te leveren, maar dat bleef uit. Een ietwat onevenwichtige jazzavond met twee snelheden. Nadat het concert werd besloten zonder één bisnummer, bleef het publiek een tikje beduusd achter. En ikzelf niet in het minst.

25 oktober 2011

7 Zuma 7 (Effenaar - 21.10.2011)

Je zult er tevergeefs naar zoeken in meteorologische archieven, maar een handjevol getuigen zal het met overgave bevestigen : op vrijdag 3 december 1999 raasde een orkaan door Hoogstraten en het oog van die storm lag op Vrijheid 84. En zoals alle orkanen had ook deze een naam : 7 Zuma 7. Dit stonercombo uit Eindhoven blies op die avond alles en iedereen omver in Cahier de Brouillon. Naast een paar plaatselijke muziekliefhebbers was ook een busje Hollanders naar Hoogstraten afgezakt omdat die avond de toenmalige bassist Arjen Rienks zijn laatste concert met 7 Zuma 7 speelde. Voorwaar een memorabele avond.

7 Zuma 7 bestond slechts vijf jaar (1995-2000) en bracht één album uit ("Deep Inside"). Naar aanleiding van de veertigste verjaardag van de Effenaar was het gezelschap echter bereid om het oude materiaal nog eens af te stoffen voor een éénmalig concert. De Eindhovense muziektempel was flink volgelopen voor dit feestje en er hing duidelijk electriciteit in de lucht van de broeierig warme zaal.

Uiteindelijk werd het geduld van het publiek beloond. Het viertal maakte zijn opwachting in blitse pakjes, die speciaal voor de gelegenheid werden gemaakt. Niet in het minst wellicht omdat de buikjes van zanger Jerry van Eijck, gitarist John Peate en drummer Jacco van Rooij niet meer in de glitterpakjes van weleer pasten... Op basgitaar trad vandaag de nog altijd slanke Nick Sanders aan, de originele bassist van het eerste uur. De volledig originele groepsbezetting dus, die gedurende vijf kwartiertjes de glorietijden van weleer deden herleven. De afbeelding van een brullende tijgerkop op de torso van zanger Jerry deed vanaf de aftrap het beste vermoeden. De tekening deed me trouwens denken aan de oude Britse jeugdfilm Sammy's Super T-shirt, doch dit geheel terzijde.

Herinneringen nemen soms een loopje met de waarheid. En wanneer we af en toe aan de toog nog eens terugblikken op dat geweldige concert in de Cahier in 1999, zal enige zin voor overdrijving zeker niet veraf zijn. Ruim tien jaar later staat het album Deep Inside echter nog steeds als een huis en de nummers uit dat iconische album (zoals Mirrorman, Over & Over & Over, Heroin Chic en One at a time) kunnen op enthousiaste herkenning van het publiek rekenen. Natuurlijk waren de gitaarsolo's niet de beste ter wereld, maar de vocalen van zanger Jerry en vooral van bassist Nick klonken nog uitstekend. Een verrassend snedige en gebalde set van een dik uur, zoals een potig rockconcert hoort te zijn. Besloten werd met een cover van The Seeker, een bekend nummer van The Who ("I won't get to get what I'm after till the day I die"). En daarna toch lichtjes grijnzend huiswaarts gekeerd, blij dat de aangedikte herinnering van dat concert van elf jaar geleden onaangeroerd gebleven is.


Setlist :

1. Shotgun
2. Velvet slide
3. Heroin chic
4. Hot stuff
5. Over & Over & Over
6. Johnny Quicksand
7. One at a time
8. Mirrorman
9. Blue T.S.
10. Diamonds 2000
-----
11. Acid manic
12. An instant cool
13. Crawling
14. The seeker

Seun Kuti & Egypt 80 (AB - 20.10.2011)

Oluseun Anikulapo Kuti - Seun voor de vrienden - is de jongste zoon van de legendarische afrobeat-pionier Fela Kuti en het was vanavond in de AB te merken dat deze Nigeriaanse telg heel wat vuur van de in 1997 overleden pater familias in zijn genen heeft zitten.

Hij trekt al geruime tijd de hort op met de begeleidingsband Egypt 80, een afgeslankte versie - weliswaar nog steeds een tiental mensen sterk - van de grote band die vader Fela indertijd begeleidde. Momenteel tourt het gezelschap rond ter promotie van het tweede solo-album From Africa With Fury : Rise. De titel van het album zegt genoeg : een opzwepend politiek discours rondom Afrikaanse identiteit en moderne vormen van slavernij vormen de rode draad en ook deze avond kon Seun Kuti het niet laten om af en toe nogal kort door de politieke bocht te gaan.

Als opwarmertje mocht één van de blazers het concert in gang zetten met African Soldier, openingsnummer van het nieuwe album. Maar de vlam sloeg toch pas echt in de pan toen Seun zelf ten tonele verscheen en bij wijze van eerbetoon aan zijn vader Zombie inzette. Het begin van een afrobeat-feestje dat bijna twee uur zou duren en toch maar amper een tiental nummers omvatte. Want dat is afrobeat : eindeloos voortkabbelende en hypnotiserende ritmes in een bezwerende en onweerstaanbare combinatie van Westerse funk en traditionele Afrikaanse yoruba.

Het nieuwe album vormde uiteraard de hoofdmoot van het concert : Rise, Slavemasters, Mr. Big Thief : de songtitels vatten de boodschap perfect samen. In nogal simplistische maar strijdvaardige bewoordingen roept Seun Kuti de Afrikaan op om zich te verzetten tegen moderne vormen van uitbuiting door het Westen en China. Het publiek slikte gedwee de politieke boodschap maar verlangde toch vooral naar die o zo onweerstaanbare afrobeat-hypnose, die gul werd uitgestrooid en waartegen geen enkel bekken of middenrif bestand is. Het marihuana-verheerlijkende The Good Leaf kon op veel bijval rekenen en ook de ode van Kuti aan de vrouwelijke geslachtsdelen was zeer vermakelijk. Het hitsige bis-nummer Mosquito Song sloot het feestje af.

Seun Kuti is dan misschien wel geen begenadigd saxofonist maar hij is wel een geboren entertainer en podiumbeest. Hij klauwt als een Afrikaans steppebeest over het podium, spuwt en acteert zijn teksten vol overgave en moet al snel zijn imposante borstkas ontbloten omdat zijn shirt in zweet gedrenkt is. In boude letters staat op zijn rug "Fela lives" getatoeëerd. En nu hem zo bezig gezien te hebben, is Seun Kuti wellicht de zoon van Fela die het dichtst in de buurt komt van een ware reïncarnatie. Heerlijke afrobeat-avond.

03 oktober 2011

Lee Ranaldo & Leah Singer : Contre-Jour (Sint Pieter-en-Pauluskerk Mechelen - 30.09.2011)



In het kader van Contour 2011 (de 5° biënnale voor bewegend beeld onder curatele van Anthony Kiendl) brachten Lee Ranaldo en zijn echtgenote Leah Singer de performance "Contre-jour". Plaats van het gebeuren : de Sint Pieter-en-Pauluskerk aan de Veemarkt te Mechelen.


In bijna complete duisternis wordt het publiek door een smalle gang naar het schip van de kerk gevoerd, waar het mag plaatsnemen op her en der verspreide kussens. De vier hoeken van het schip zijn geflankeerd door vier zogenaamde "Dreamachines". Deze installatie is een uitvinding uit 1960 van perfomancekunstenaar Brion Gysin (1916-1986) en electronicaspecialist Ian Sommerville (1940-1976). Ze lieten zich inspireren door onderzoek van het zenuwstelsel. Hun toestel bestaat uit een cilinder met uitsnijdingen en daarin een lamp, gemonteerd op een platenspeler. Terwijl de cilinder ronddraait, valt het licht van de lamp door de spleten met een snelheid van 8 tot 13 flitsen per seconde. Deze flitsen stimuleren de alfagolven in het brein, wat een hallucinante visuele ervaring kan veroorzaken. De "Dreamachine" wordt bestempeld als het eerste kunstwerk dat je met gesloten ogen kan ‘bekijken’. Op die manier ervaar je het effect van het flikkerende licht het best.

Ter hoogte van het doksaal van de kerk is een groot projectiedoek gespannen. Gedurende de één uur durende performance wordt hierop de video- en fotocollage van Singer geprojecteerd. Singer zelf woonde de voorstelling trouwens zelf bij tussen het publiek, naast ons gezeten op de voorste rijen in gezelschap van zonen Sage en Frey Ranaldo. De grote open ruimte tussen doksaal en schip is voorbehouden voor Ranaldo zelf, die zich na een korte proloog een weg door het publiek wurmt, hierbij ei zo na mijn mobieltje verpletterend dat voor mijn kleermakerszit op de kerkvloer lag.

Dan vangt een interessant schouwspel aan, waarbij Ranaldo de geluidsgolven van zijn gitaar op meerdere wijzen bewerkt. Door het spelen van akkoorden, door feedback-manipulatie, door het pirouette-gewijs slepen van de kop van de gitaar over de koude kerkvloer, door een strijkstok, door een grote trom-stok,... Voortdurend was Ranaldo in de weer met zijn talrijke effectenpedalen, voor onze neus opgesteld op de kerkvloer. Tijdens het laatste kwartier van de perfomance zoeft de gitaar in grote cirkels door de lucht, opgehangen aan een lang touw dat vanuit de nok van de kerk naar beneden bengelt. Wie eerder al performances van Ranaldo zag, zal wel niet verwonderd opgekeken hebben toen hij zijn geliefde boedhistische belletjes ook even opdiepte en ermee op wandel ging doorheen het publiek, terwijl zijn gitaar nog steeds rondjes tekende in het hart van de kerk. Verschillende manieren van gitaarmanipulatie dus. In combinatie met de mooie beeldenstroom van Singer en de continu oplichtende Dreamachines, kreeg de fluctuerende klankenbrij een mooie binding en kwam de perfomance over als een mooi en afgerond geheel, daar waar het ook gemakkelijk had kunnen verzanden in saai gepingel en een vaag-artistieke foto-collage.

11 september 2011

Sevilla & Cordoba (6-10 september 2011)

Een korte foto-impressie van het tripje dat mijn vriendin en ikzelf maakten naar twee prachtige cultuursteden in het hartje van Andalusië.















vlnr :
1. Metropol Parasol, de grootste houten constructie ter wereld.
2. Waterbeneveling is geen overbodige luxe.
3. De stad ademt flamenco.
4. Moderne gebouwen weerspiegeld in het kleed van de Heilige Maagd.











vlnr :
1. Christus is nooit ver weg, zelfs niet bij bedelaars. Fopspeen-hond puft bij de hitte.
2. Een verborgen bassin in het prachtige Real Alcazar.
3. Uitrusten op één van de talloze mozaïek-bankjes.
















vlnr :
1. Religieus geïnspireerde foto's te koop.
2. De zon zindert in de smalle straatjes van Cordoba.
3. Affiche voor het nieuwe stierengevecht in het Plaza de Toros.
4. Doeken trachten de straten tegen de brandende zon te beschermen.













vlnr :
1. Trouwen in Sevilla bezorgt de straatvegers extra werk.
2. Deze bibliotheek heeft betere tijden gekend.
3. Aliens attack a castle outside Cordoba. Of een bizar lichteffect in de trein.















vlnr :
1. Van zo'n temperaturen krijg je dorst.
2. Klokken in de Giralda-toren.
3. Het indrukwekkende Plaza España.
4. Casa de Pilatos : meer dan het bezoeken waard.











vlnr :
1. Reclame voor een oude Studebaker in mozaïek.
2. Moorse pracht en praal in La Mezquita in Cordoba.
3. De molens die Don Quichote ooit bekampte nu als graffiti op een oude poort.















vlnr :
1. Detail van het Plaza de España.
2. De Torre del Oro afgebeeld op een onvermijdelijke tapas-kaart.
3. Kleurrijke waaiers bij de vleet in Sevilla.
4. De kleuren spatten van de muur op deze kruisigingsmozaïek.











vlnr :
1. Iedereen zoekt verfrissing.
2. Catedral de Santa María de la Sede bij nacht.
3. Je bent pas écht op vakantie als er palmbomen staan.



Hasta la vista, Sevilla !