30 maart 2018

Parsifal (Opera Antwerpen - 29.03.2018)

Parsifal, het muzikale testament van Richard Wagner (1813-1993), voor het eerst opgevoerd in 1882 in Bayreuth en in die plaats gedurende een paar decennia verankerd (behoudens een paar uitzonderingen) tot aan de opheffing van de exclusiviteit van de plaats van opvoering in 1913.

Ik zou het uitgebreid kunnen hebben over de componist die door velen aanbeden en door anderen verguisd werd. Over wiens muzikale erfenis heel veel inkt gevloeid is. Over de wijze waarop hij christelijk symbolisme verweefde met Germaanse mythologie. Of ik zou een boompje kunnen opzetten over hoe er in Antwerpen vanaf 1914 een heuse traditie ontstond van Parsifal-opvoeringen en hoe de Antwerpenaren zich - in hun bekende bescheidenheid - als een "Bayreuth aan de Schelde" zagen.

En als dit een gewone blogpost was, zou ik het ook uitgebreider hebben over de Duitse regisseuse Tatjana Gürbaca (°1973), die in 2013 een eigenzinnige versie van 'Parsifal' op de planken bracht voor Opera Vlaanderen (waarvan deze 2018-versie een herneming is met een andere zang-cast), waarmee ze internationaal hoge ogen gooide. Ik zou kunnen melden dat de Amerikaanse tenor Erin Caves een paar kilo's zou mogen verliezen en niet meteen de meest charismatische Parsifal-verlosser was in deze productie. En ik zou besluiten dat deze opera een overweldigende ervaring was met een uiterst sobere maar prachtige en eigentijdse enscenering. En dat ik de schrikwekkende duurtijd van deze opera (bijna 5u 30min, inclusief 2 pauzes) wonderwel overleefde zonder doorzit-wonden.

Maar het noodlot heeft ervoor gezorgd dat vandaag voor altijd geboekstaafd zal staan als een donkere dag, waarbij al deze beschouwingen overschaduwd worden door een pijnlijk afscheid. En de wreedheid van dat noodlot - dat vermaledijde klote-noodlot - wint nog aan kracht, gelet op het feit dat de aard van het afscheid enerzijds en de thematiek van deze opera anderzijds onlosmakelijk verbonden lijken.

Want als je 'Parsifal' losweekt van de Christelijke symboliek en de mythologie van de Graalridders, dan blijft er in de kern een verhaal over van een zoektocht naar verlossing van eeuwigdurende pijn. Over een diepe wonde die zich maar niet wil sluiten. Over een eeuwig durende strijd tussen twee tegengestelde werelden (de wereld van het schone : die van de mooie en pure Graal-gemeenschap enerzijds en de wereld van het lage & lelijke : die van de afvallige en verstoten Klingsor anderzijds).

Op het ogenblik dat de 'reine dwaas' Parsifal vanavond de wonde van de - door de Heilige Speer geraakte - Graalkoning Amfortas sloot en voor verlossing zorgde van diens langdurende pijnen, stapte een wonderschone en wonderlijke dame uit het leven. Een dame wiens ziel gekerfd was door God-weet-welke speer. Een dame die uiteindelijk besloot dat er maar één methode van verlossing mogelijk was. Een dame voor wie ik zo graag de verlossende Parsifal was geweest. Haar libretto eindigde vroegtijdig op de voorlaatste bladzijde met "Wer will mich zwingen zu leben ? Könnt ihr doch Tod mir nur geben ?" Ze besloot om de laatste pagina en het antwoord op die vraag niet af te wachten. Niets zal ooit nog hetzelfde zijn. Moge haar wonde voor altijd gesloten zijn.

Geen opmerkingen: