24 juni 2018

Graspop Metal Meeting (23.06.2018)

Dat 'echte' metal-puristen het niet zo begrepen hebben op de grootschaligheid van hun geliefde Graspop Metal Meeting en dat zij de 'dagtoeristen' ietwat verfoeien, daar kan ik wel enigszins inkomen. Want tussen die dagtoeristen zitten er velen die niet zozeer komen voor de muziek, maar wel voor de gemoedelijke sfeer, om zich te vergapen aan het kleurrijke metal-volkje, of simpelweg om zich laveloos te zuipen. En daar is op zich niks mis mee (sterker nog : ik ben eigenlijk zelf ook zo'n dagtoerist, met dien verstande dat ik wel degelijk voor de muziek afzak naar Dessel). Maar het zorgt er wel voor dat het festival hier en daar groeipijnen vertoont, een euvel dat op de openingsdag blijkbaar voor waanzinnige wachttijden zorgde. En ook qua sanitair was er heel wat verbetering mogelijk. Toch ettelijke werkpuntjes voor de organisatie dus. Het ergste werkpunt van al : de kwaliteit van het geluid. Als er iets is dat in orde moét zijn, dan is het wel dat. Maar ook daar knelde af en toe het metal-schoeisel.

Het was van dattum tijdens de eerste band die we vandaag in aan het werk zagen in de Metal Dome. De Griekse hardrockers van Planet Of Zeus speelden nietsvermoedend verder, zich baserend op het geluid uit de podium-monitoren, zich niet bewust van het feit dat het geluid in de tent simpelweg wegviel. Of was dit een symbolische en politiek geïnspireerde ingreep van de PA om het publiek te herinneren aan de enorme staatsschuld van Griekenland ? Jammer. Bijna al even jammer als de ietwat tamme prak die Baroness later op de dag in dezelfde Metal Dome uitstrooide. Hey Baroness, watskeburt ? Ligt het aan mij of klonk het vroeger allemaal veel vetter & strakker ? Of had ook hier de PA boter op z'n hoofd ?

Voor het grootste gedeelte van de dag parkeerden we ons in de Marquee om ons daar gewillig te onderwerpen aan verschillende metal-subcategorieën van het donkerdere soort (black / thrash / death). De kelk van het hoofdpodium lieten we quasi volledig aan ons voorbij gaan, tenzij je het occasioneel wauwelen aan de grote-pinten-tent - met headliners Volbeat of Marilyn Manson op de achtergrond - als het bijwonen van een concert wilt beschouwen. Eén openlucht-concert lieten we ons echter alsnog welgevallen onder een loden middagzon : dat van de gekke Japanse knakkers van Crossfaith op het Jupiler Stage. Niet meteen iets dat ik thuis op de platenspeler zou leggen, maar deze metalcore werd - met de hyperkinetische frontman Koie Kenta op kop - dermate enthousiast gebracht, dat het heel aanstekelijk werkte. Het waren vooral de elektronische invloeden die het 'm voor mij deden. Van ver (toegegeven, van héél ver) riep dat zelfs echo's van The Locust op. Zeker één van dé winnaars van de dag.

Maar dus terug naar de Marquee. Voor de sérieux van de in religieuze gewaden gehulde Poolse duivelspredikanten van Batushka verkeerden we nog iets teveel in anticiperende voetbal-modus (België 5 - Tunesië 2). Koning Voetbal verdween alras naar de achtergrond toen de thrash-veteranen van Exodus het podium betraden. Terecht veel respons van het publiek voor deze gepokte en gemazelde heersers van het genre en misschien wel mijn persoonlijk hoogtepunt van vandaag. Steve Souza - zo'n heerlijk archetypisch lelijke frontman - moet je niet leren hoe je een metal-publiek moet bespelen. Niet te verwarren met de Zuid-Hollandse "gospel en praise-band" Exodus trouwens !

Datzelfde publiek reageerde heel wat minder hitsig op de donkere en grimmige black metal van het Zweedse Marduk, wellicht het 'puurste' concert van de dag. Volledig compromis-loos en met nauwelijks enige interactie met het publiek loodste frontman Mortuus de ietwat beduusde toehoorders doorheen zijn pikzwarte oorlogskronieken, geruggesteund door hard knallende drums en met een nagelnieuw album "Viktoria" onder de zweterige arm. Ettelijke gradaties minder grimmig maar daarom niet minder potig ging het eraan toe tijdens de set van het eveneens Zweedse At The Gates. Vrij toegankelijke death metal met een frontman - Tomas Lindberg - die er eerder uitziet als de beheerder van een trailerpark in de Amerikaanse Midwest dan als de frontman van een death metal-band en die zich bedient van een opvallende scream-zangstijl (i.p.v. de eerder gebruikelijke diepe grunt). Met Bloodbath werd nogmaals een blik Zweden opengetrokken. In origine een soort van superband die opgericht werd als ode aan old school death metal, en dat is dan ook precies wat vanavond werd opgediend. Sedert enkele jaren mag Nick Holmes (zanger van Paradise Lost) opdraven als de met bloed besmeurde maître d' van dienst.

De kans is reëel dat ik volgend jaar terugkeer. Als dagtoerist uiteraard !

Geen opmerkingen: